Open deur

Geplaatst op: september 16, 2022

Naast mijn account op LinkedIn – dat ik vooral zakelijk gebruik en om deze vrijmiblo’s te posten uiteraard- zit ik ook op Twitter. Ik vind het fascinerend te lezen wie wat nu weer uitkraamt. Ik volg links, ik volg rechts, ik zoek de extremen en kijk af en toe ook door het midden naar de wereld. En als het me allemaal wat te erg wordt volg ik ook een aantal Twitteraccounts die gewoon veel foto’s plaatsen van mooie (klassieke) auto’s zoals bijvoorbeeld @mauricedevries.

Toen ik een tijdje gelden weer door de tweets heen scrolde viel mijn oog op een bericht uit het middensegment zeg maar, het account @rechtennieuws. Het betrof een tweet/link naar dit artikel“Hoe kun je de juiste advocaat kiezen?” luidde de pakkende titel.  Het leek me een goede vraag en omdat mijn potentiële klanten (en bestaande klanten telkens opnieuw) voor mij moeten kiezen leek het me goed me in het antwoord op die vraag te verdiepen. Het artikel begint met de zin “Er zijn veel momenten in je leven dat je een advocaat nodig hebt.” Ik vraag me overigens af of dat zo is. Ik begrijp dat je áls ondernemer in je werkzame leven toch minstens een aantal malen echt een advocaat nodig hebt, maar of particulieren op veel momenten in hun leven een advocaat nodig hebben? Terug naar de vraag. Hoe kies je de juiste advocaat. Het artikel geeft 4 tips.

Vraag naar tarieven; Vraag naar specialisatie; Vraag na bij familie en kennissen; Vraag een consult aan.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dit goede tips zijn. Diezelfde eerlijkheid gebiedt tevens te zeggen dat het wel een beetje een open deur is.

Als je een advocaat nodig hebt zijn de tarieven uiteraard van belang. Iedere advocaat is verplicht naar zijn klanten openheid te geven over zijn of haar tarieven en daar duidelijke afspraken over te maken. Dat die tarieven erg verschillen behoeft ook geen betoog. In letselschadezaken is een tarief van € 265,- per uur (mijn standaard tarief) een gebruikelijk tarief. Voordeel voor letselschadeslachtoffers is dat buiten rechte (dus als er niet geprocedeerd wordt) dat tarief door de aansprakelijke verzekeraar moet worden betaald. In ondernemerszaken is mijn tarief € 215,- per uur. Dat is een concurrerend tarief. Ben je abonnementhouder bij mijn kantoor krijg je daarop nog 10% korting.

Terecht staat er in het artikel dat tarief niet alles zegt. Een dure specialist kan op den duur goedkoper zijn dan een goedkope generalist. Ook dat is waar. Ik ben gespecialiseerd in letselschadezaken maar generalist in ondernemerszaken. Omdat ik de ondernemer en zijn onderneming wil bijstaan op alle rechtsgebieden moet ik weten wat ik kan, door te weten wat ik niet kan. Ik adviseer mijn klanten wel eens om (ook) een specialist in te schakelen.

Anderen vragen naar ervaringen met een advocaat is uiteraard erg belangrijk. Ik word altijd erg blij van klanten die middels en doorverwijzing bij mij zijn gekomen en nog blijer van klanten die de moeite nemen een review te schrijven. Mond op mond reclame is toch de beste reclame.

Een eerste gesprek met een advocaat moet vrijblijvend zijn. Er moet een wederzijds vertrouwen ontstaan. Als een potentiële klant van mij vraagt of het eerste gesprek gratis is dan vertel ik hem/haar dat een eerste kennismaking een must is en uiteraard vrijblijvend is. Gaan we met elkaar in zee wordt dat gesprek (als het inhoudelijk was) gefactureerd, gaan we niet samen door kom er geen factuur.

In mijn optiek allemaal open deuren maar soms is het goed toch even voor een open deur stil te staan.

Lees meer

Komkommertijd

Geplaatst op: september 2, 2022

Zomer is komkommertijd en dan lees je de meest onwaarschijnlijke artikelen in de kranten.  Zo viel mijn oog deze op dit artikel in de telegraaf. “Advocaat door treinstaking urenlang onderweg naar verkeerde rechtbank, stond in Alkmaar in plaats van Haarlem.” Ik moest gelijk denken aan een zitting bij de rechtbank te Lelystad, of was het Almere? Die vraag stelde ik me toen ook.

Toen was enkele jaren geleden. Ik stond een jonge jongen bij. Hij was tijdens de gymnastiekles op zijn middelbare school uit de ringen gevallen. Bij het ringzwaaien met halve draai glipten zijn handen op het hoogste punt los en kwam hij zeer ongelukkig met zijn hoofd op de gymnastiekvloer terecht. Hij liep blijvend hersenletsel op. De oefening werd uitgevoerd met slecht één kleine mat onder de ringen. Er waren geen matten neergelegd bij de voor- en achterzwaai. De ouders stelden de school aansprakelijk.

Om duidelijkheid te krijgen op de vraag of er meer matten geplaatst moesten worden vond er een deskundigenonderzoek plaats naar de gebruikelijke manier om deze oefening als gymdocent te geven. De deskundige was een docent die zelf lesgaf op de ALO (de Academie voor Lichamelijke Opvoeding). Hij oordeelde in zijn rapport dat de gymdocent niet had gehandeld zoals van een redelijk handelend en redelijk bekwaam gymdocent mocht worden verwacht. De docent had volgens deze deskundige meerdere matten moeten gebruiken of één lange mat. Hij schreef ook dat over de vraag hoeveel matten er bij het ringzwaaien neergelegd diende te worden verschil van inzicht bestond. Er waren -zo gezegd- meerdere scholen. Dat bedoelde de deskundige letterlijk want de ALO in bijvoorbeeld  Zwolle dacht daar anders over en weer een andere ALO meende dat je helemaal geen matjes bij ringzwaaien neer moest leggen. Die opmerking was koren op de molen van de  verzekeraar die daarom de aansprakelijkheid namens de school afwees.

Ik adviseerde een deelgeschil te starten. Een procedure voor de rechtbank waarbij alleen een antwoord wordt gevraagd op een deelvraag. In dit geval alleen over de aansprakelijkheid. Ik meende dat het oordeel van de  gezamenlijk ingeschakelde deskundige doorslaggevend was. De zaak werd aanhangig gemaakt bij de rechtbank Midden Nederland.

Nadat het verzoekschrift was ingediend bepaalde de rechtbank dat de zaak zou worden behandeld door de rechtbank Lelystad. Deze rechtbank kent vier locaties dus het is altijd even afwachten waar de zaak terecht komt. Tijdens deze zitting bleek dat de rechter neigde de kant van de verzekeraar te kiezen en bleek tevens dat de rechter de behoefte had om de deskundige zelf aan de tand te voelen en als getuige te horen. En hoewel getuigenverhoren eigenlijk niet passen in een deelgeschil (dat geschil wordt normaliter na één zitting afgewikkeld) oordeelde de rechter dat er een tweede zitting moest komen.

Nadat de deskundige was opgeroepen om te verschijnen vond de tweede zitting plaats. Ik ging die ochtend in alle vroegte op pad om op tijd in Lelystad aan te komen. Ik twijfelde nog even of ik niet even in het dossier moest kijken om tijd en plaats te checken maar ik wuifde die gedachte weg. Dat had ik beter niet kunnen doen. Aangekomen (ruim op tijd, dat wel) in Lelystad keek de bode me vragend aan toen ik zei dat ik voor de zitting van 10.30 kwam. Er was geen zitting in Lelystad, wel één zitting in Almere, zag de bode op zijn scherm.  Een kleine 20 minuten later kon ik gelijk doorlopen naar binnen. Mijn klant en zijn ouders had ik overigens wel even gebeld dat ik wat later was. Tijdens die zitting werd de zaak van mijn client tot ieders tevredenheid geschikt.

Ik heb mijn klanten maar niet verteld dat ik eerst bij de verkeerde rechtbank stond. Stel je voor dat ze een journalist hadden gebeld? Het was tenslotte zomer.

Lees meer

Opa Smidt.

Geplaatst op: juli 22, 2022

Deze week werd in de familiegroepsapp het bericht gedeeld dat mijn neefje (de zoon van mijn zus) in één keer zijn rijbewijs had gehaald. Heel knap natuurlijk maar ik moest meteen denken aan het rijexamen van mijn neef, de zoon van mijn tante. Deze neef (hij is net zo oud als ik) deed zijn rijlessen in Veendam. Voor zijn examen moest hij echter naar Winschoten. Winschoten was overigens geen onbekend terrein want daar woonden opa en oma Smidt. Opa Smidt was op de hoogte van het examen van zijn kleinzoon en had het volste vertrouwen in een goede afloop. Zijn vertrouwen was zo groot dat hij bedacht had om zijn kleinzoon te gaan verrassen met felicitaties in de vorm van een bosje bloemen na afloop van het examen.

Start- en vertrekplaats van de rijexamens was toen de parkeerplaats van De Klinker, de plaatselijke schouwburg. Met een bosje bloemen op de bijrijdersstoel van zijn Toyota Starlet reed mijn opa, tegen de tijd dat het examen wel zo ongeveer zou zijn afgelopen, naar De Klinker. Op de grote rotonde voor De Klinker zag opa Smidt mijn neef. Mijn neef -die het hele examen foutloos had afgelegd en dus volledig voldeed aan de hoge verwachtingen van zijn opa- zag opa Smidt echter te laat. Althans, de examinator zag opa Smidt eerder en vond de rem eerder dan mijn neef, die waarschijnlijk alleen maar dacht ”Wat komt die Toyota Starlet mij bekend voor!”. Een ingreep tien meter voor de finish was het gevolg. Mijn neef had opa Smidt op de rotonde voorrang moeten verlenen en was dus gezakt.

Dit verhaal speelde zich bijna vijfendertig jaar geleden af. In een tijdperk waar familieleden elkaar niet aanspraken wegens geleden (emotionele) schade.

Hoe anders is dat tegenwoordig.
In het aansprakelijkheidsrecht werden de laatste jaren de grenzen steeds weer gezocht en gevonden. Een van de meest opzienbarende uitspraken was wellicht het Hangmatarrest bewerkstelligd door mijn oud collega Arvin Kolder. Hij bedacht dat een bezitter een medebezitter zou moeten kunnen aanspreken bij een schadeveroorzakende gebeurtenis, ook als de bezitters familie van elkaar zijn. In dit geval sprak een vrouw haar man aan nadat zij door een val uit haar hangmat een dwarslaesie opliep. Zij viel omdat een betonnen pilaar van de gezamenlijke woning afbrak. Als bezitter van een gebrekkige opstal ben je risicoaansprakelijk voor de schade die de opstal veroorzaakt. Omdat de man ook bezitter was bedacht mijn oud collega dat die door zijn eigen vrouw aangesproken kon worden en werd de schade op de verzekering van de man geclaimd. Volgens de Hoge Raad met succes. De man moest voor zijn deel van het eigendom/zijn bezit van de woning (50%) bijdragen in de schade van zijn eigen vrouw. De verzekeraar diende dus 50% van de  schade te vergoeden.


Met deze uitspraak leek het hek van de  dam en verzekeraars vreesden een toename van “inter-relationele” claims. Risicoaansprakelijkheid geldt immers ook voor bezitters van dieren. Wat als de hond je vrouw bijt? Spreekt de vrouw dan de verzekeraar van de man aan? Uiteraard werd ook hier over geprocedeerd. Voor de Hoge Raad was de grens daarmee wel bereikt. Zij oordeelde dat de gevolgen voor verzekering en aansprakelijkheid te groot zouden worden bij de aanvaarding van aansprakelijkheid jegens medebezitters voor schade veroorzaakt door dieren. Dieren hebben een kenbare eigen energie (aldus de Hoge Raad), wat plat gezegd betekent dat je weet dat ze kunnen bijten. Door toch samen een hond te nemen aanvaard je als het ware het risico gebeten te worden als medebezitter van die hond. Dat kenbare risico is volgens de Hoge Raad niet te vergelijken met een verborgen gebrek aan een gezamenlijke woning.

Ik denk overigens wel eens dat als mijn neef toen ter tijd letselschadeadvocaat was geweest er wellicht al veel eerder een soort hangmatarrest was geweest.

Lees meer

Verwachtingen

Geplaatst op: juli 1, 2022

Zaterdag 25 juni jl. was er weer een FC Emmen Rally. De tweede editie. Een toertocht door Drenthe met (klassieke) auto’s. Omdat ik de eerste editie erg geslaagd vond had ik mijn “vaste” navigator (Patrick Van Rhijn van Collall) weer gevraagd om mee te doen. Patrick, klant van mijn kantoor en FC Emmen supporter, was direct positief en we spraken dan ook af dat we weer mee zouden doen.

Zo’n rally is bedoeld om contacten te leggen met andere sponsoren/supporters. Vooral voor de gezelligheid maar uiteraard ook om zonder gêne te kunnen laten zien wat voor mooie auto je hebt. Mijn Citroen SM doet het in voetballand overigens altijd goed want de associatie met Cruyff en dus met voetbal wordt vrijwel door iedereen direct gemaakt. Contacten zijn dan ook snel en makkelijk gelegd. Grappen over de betrouwbaarheid van een Citroen ook. Als enige Fransoos in het deelnemersveld werd al voorzichtig gegrapt dat ik de finish waarschijnlijk niet zou halen. Laten we zeggen dat sommige deelnemers bepaalde verwachtingen hadden van onze prestatie.

Ook mijn klanten hebben verwachtingen. Zeker in de letselschadezaken, waarin slachtoffers vaak zogenaamde “one-shotters” zijn. Mensen die één keer in hun leven een advocaat nodig hebben om hun letselschade te verhalen. Als slachtoffers op Google gaan zoeken komen ze de meest fantastische bureaus met de meest fantastische beloftes tegen. Onder die bureaus tref je echter veel cowboys aan. Omdat de titel “letselschaderegelaar” een onbeschermde titel is mag iedereen zich zo noemen. De branche is al jaren bezig om ongereguleerde bureaus te dwingen zich bij keurmerken en beroepsverenigingen aan te sluiten. Recent heeft minister Weerwind daartoe nog een oproep gedaan. Mijn kantoor is geen lid meer van het Keurmerk Letselschade. Dat Keurmerk is na de opheffing van ons kantoor in Groningen met de daar werkzame advocate meegegaan. Ik heb mezelf wel als specialist ingeschreven bij de Orde van Advocaten, zorg ervoor dat ik jaarlijks mijn specialisatiepunten haal en sta (voor mijn klanten denk ik heel belangrijk) omdat ik advocaat ben, onder tuchtrechtelijk toezicht. Dat laatste ontbreekt bij ongereguleerde letselschaderegelaars. Ik probeer op die manier te voldoen aan de verwachtingen van mijn letselschadeklanten. Dus qua inhoud, opleiding en qua toezicht. Gezien het hoge cijfer op “Klantenvertellen” voldoe ik aan die verwachtingen.

Terug naar de FC Emmen rally.

Het weer was prachtig. De tocht door Drenthe fantastisch, de reacties onderweg leuk en de gesprekken met andere rallyrijders aangenaam. Bij het vertrek na de tweede stop in Westerbork -ik had wegens een opstopping op de parkeerplaats de SM een tijdje stationair moeten laten lopen- verscheen het kenmerkende rode ‘STOP” op het dashboard. De auto was oververhit volgens de andere lampjes die ook brandden. Uiteraard direct gestopt.

Eenmaal onder motorkap gedoken bleek dat de ventilatoren niet aansloegen. Zonder die ventilatoren was de kans dat de SM goed zou afkoelen verkeken. Ik bedacht me ondertussen dat tijdens de laatste grote ingreep -enige tijd geleden had ik met een goede vriend de koppelingsplaat vervangen- de hele auto uit elkaar was gehaald. De radiator eruit, de versnellingsbak (die voor de motor ligt) eruit en de spatborden eraf. Tijdens het terugzetten van alle onderdelen waren we klaarblijkelijk een aantal essentiële stekkertjes vergeten. Omdat die stekkers ook niet eenvoudig te traceren waren en de motor maar niet goed genoeg afkoelde hebben we de rally moeten staken. Na enige tijd en bij afnemende motortemperaturen zijn we voorzichtig weer naar Emmen terug gereden.
Hoewel we dus de finish niet hebben gehaald en dus niet de commentaren van de andere deelnemers hebben kunnen horen weet ik zeker dat zij van mening waren dat Equipe Citroen SM aan de verwachtingen had voldaan.

Lees meer

Uurtarieven

Geplaatst op: juni 17, 2022

Ik schreef er al eerder over, het uurtarief van een advocaat. Desgevraagd zal een ieder die je het vraagt antwoorden dat ze die tarieven (te) hoog vinden. Ik snap dat wel. Vergeleken met de echt cruciale beroepen zijn de uurlonen ook fors te noemen. Ik heb er zelf soms ook wel moeite mee en ben blij dat “mijn” abonnementhouders in elk geval minder dan €200,- per uur betalen voor mijn diensten. Dat is overigens nog steeds fors, realiseer ik mij.

Toch zit er een kentering aan te komen. Steeds meer beroepen die in de Corona-periode als cruciaal werden bestempeld kunnen rekenen op betere cao-afspraken en in sectoren waarin de krapte op de arbeidsmarkt steeds meer voelbaar wordt kunnen hogere tarieven gevraagd worden.

Toch keek ik vreemd op toen een klant mij een zaak voorlegde waarin de dienstverlener een (omgerekend) uurtarief hanteerde van €4400,- per uur. Hoeveel? Ja, u leest het goed, een uurtarief van € 4400,-. U denkt wellicht aan de kosten van een uurtje hossen met de Snollebollekes (kost echt 4000,- per uur) of het bedrag per uur dat onze Koning krijgt voor het onderhoud van zijn Kroondomein (het scheelt niet veel) maar u heeft het mis. Het betrof het uurtarief van een rioolontstopper.

Mijn klant ontdekte in zijn woning een verstopping van zijn toilet. Nadat de huis-, tuin- en keukenmiddeltjes weer niet deden wat ze beloofden en de overlast steeds nijpender werd googelde hij op de naam van een plaatselijk bekende loodgieter, laten we hem voor het verhaal “De Bruin” noemen. Het eerste resultaat dat hij zag betrof de site van “Rioolservice De Bruijn”. Op de site stonden ronkende recensies, een garantie dat er binnen het half uur actie zou worden ondernomen en voor alle gemak een telefoonicoontje waarop je kon klikken. Gemak dient de mens.

Nadat hij aan de telefoon te horen kreeg dat hij inderdaad belde met loodgieter De Bruin -voor de zekerheid vroeg hij dat na- werd snel een afspraak gemaakt en stond inderdaad binnen een half uur een loodgieter voor de deur. Mijn klant kreeg een formulier onder ogen in de vorm van een opdracht bon. Of hij die op voorhand wilde tekenen omdat de opdracht bevestigd moest worden. In goed vertrouwen werd de opdracht bon, die tevens een prijslijst bevatte, ondertekend door mijn klant en ging de loodgieter aan de slag. “Hopelijk hoefde hij de toiletpot niet te verwijderen”, zei deze nog.

Na een klein half uur meldde de loodgieter zich weer met goed nieuws. De toiletpot hoefde niet te worden verwijderd en de ontstopping was verholpen. Mijn klant kreeg de opdracht bon weer voorgehouden maar dit keer was de prijslijst ingevuld. Het vakje “voorrijdkosten” was aangevinkt alsook het vakje “materiaalverbruik” en “specifieke inzet rioolreiniging MA- VRIJ 9.00-18.00”. Logische en verwachtte vinkjes. Toch zijn grote schrik zag hij echter nog een vakje ingevuld;

“Spiraalkosten, € 129,- per meter”. Daar stond “11 meter ad. € 129,-“.

Alles bij elkaar werd hem een factuur voorgehouden van € 2217,81 inclusief de BTW. Of hij de bon even wilde aftekenen en of hij bij voorkeur met pin wilde betalen. Verrast en onder de indruk van de ietwat dreigende afwikkeling van de hele kwestie heeft mijn klant gepind.

Enigszins besmuikt dat hij zich zo had laten oplichten belde de klant mij. Of ik er nog iets aan kon doen. Ik moest direct aan een recente uitspraak denken van een kantonrechter die in een soortgelijke zaak de betreffende loodgieter alles liet terugbetalen. Toen ik met de zaak bezig ging bleek dat de site niet de site van De Bruin zelf was maar dat iemand handig gebruikt had gemaakt van de bekende naam en het webadres met de naam De Bruijn (met een extra “j”) had geclaimd. Daarbij werd tevens gebruik gemaakt van een 085 nummer. Geraffineerd en pure oplichting dus.

Inmiddels heb ik het achterliggende bedrijf gedagvaard. Pro Bono, dat leek me gezien de omstandigheden het minste wat ik voor de klant kon doen.

Lees meer

No Mow May

Geplaatst op: juni 3, 2022

“Niet maaien in mei” is, vrij vertaald, de betekenis van voormelde slogan. Deze slogan wordt gebruikt door mensen/bedrijven die biodiversiteit voorstaan. Door in mei de bermen en grasvelden niet te maaien werk je mee aan een beter leefklimaat voor bloemen en insecten en alles wat daarmee samenhangt. Daarnaast zijn bermen vol bloemen uiteraard ook mooier om langs te fietsen. En uiteraard een mooi excuus voor mensen die een hekel hebben aan grasmaaien.

Had de gemeenteambtenaar die ongewild een bijrol gaat spelen in deze blog ook maar een gemeente als werkgever gehad die de biodiversiteit hoog in het vaandel had gehad. Dat had een hoop ellende kunnen voorkomen.

Op een mooie dag in mei, jaren geleden, kreeg een gemeenteambtenaar de opdracht om met de zitgrasmaaier de grasvelden rondom wat gemeentelijke vijvers te maaien. De man in kwestie nam zijn taak uiterst serieus en probeerde zo dicht mogelijk langs het water te maaien. Dat ging op een gegeven moment niet goed en de man viel pardoes met zijn zitmaaier in de vijver.

Een stewardess op weg naar haar werk reed in haar auto toevallig voorbij en zag het gebeuren. Fluks parkeerde ze de auto, rende naar de vijver en sprong de maaimachine achterna. De bestuurder zat nog in de zitmaaier en kon niet zichzelf uit zijn benarde positie bevrijden. De stewardess heeft vervolgens gedurende langere tijd met krachten waarvan zij zelf ook niet wist dat ze ze had de zitgrasmaaier en dus de ambtenaar boven water gehouden. Nadat omstanders -die de theorie van het bijstandereffect eer aan deden- de hulpdiensten hadden gebeld en de brandweer de ambtenaar uit zijn benarde positie had bevrijd vervolgde de dappere stewardess- in haar inmiddels verfomfaaide uniform- haar weg naar Schiphol.

Dit ongeval werd een zaak van mij. De stewardess riep mijn hulp in. Ze vertelde mij dat, nadat ze op Schiphol was aangekomen en de adrenaline was uitgewerkt, volledig in elkaar was gezakt. Ze had haar vlucht niet gehaald en had zich ziek moeten melden. Onderzoek wees vervolgens uit dat de spieren in haar armen, rug en nek te zwaar belast waren geweest. Ze heeft een behoorlijke tijd niet meer kunnen werken. Daardoor leed ze schade. Uiteraard moest ik nadenken op welke grond ik wie aansprakelijk kon houden. Ik koos er voor de gemeente aan te spreken. Ik baseerde de claim van mijn cliënte op zaakwaarneming.
Zaakwaarneming is het zich willens en wetens en op redelijke grond inlaten met de behartiging van een anders belang. Artikel 6:200 BW bepaalt vervolgens: De belanghebbende is, voor zover zijn belang naar behoren is behartigd, gehouden de zaakwaarnemer de schade te vergoeden, die deze als gevolg van de waarneming heeft geleden.

Mijn client had de belangen van de gemeente behartigd door haar werknemer te redden. Haar letselschade, ontstaan bij deze redding, diende de verzekeraar van de gemeente te vergoeden. Simpel dacht ik.

De verzekeraar dacht daar anders over en meende dat mijn cliënte niet het belang van de  gemeente had behartigd maar van haar werknemer en dat hulp helemaal niet nodig was geweest omdat de vijver zo ondiep was dat de ambtenaar toch niet verdronken zou zijn. Het werd een rechtszaak.  

Gelukkig maakte de rechter gehakt van de weren van de verzekeraar. Cliënte had terecht de ambtenaar gered, had daarmee de belangen van ook de gemeente behartigd en kreeg haar schade vergoed.

Het moraal van dit verhaal? Gewoon niet maaien in mei.

Lees meer

DD-Reizen

Geplaatst op: mei 13, 2022

Deze week viel mijn oog op een klein artikeltje in de krant. Het ging over de langdurige strijd tussen de curatoren in het faillissement van D-reizen en de voormalige eigenaren van dit failliete reisbureau. De kopt luidde: “Oud-eigenaren D-reizen krijgen 450.000 euro voor merknaam”.

Onwillekeurig moest ik terugdenken aan een zaak uit 2007 waarbij een toenmalige klant van ons kantoor werd gedagvaard door datzelfde D-reizen. In dat jaar had D-reizen een reclamecampagne gestart bestaande uit (eerlijk gezegd) nogal flauwe woordgrappen. D-reizen maakte reclame met teksten als “Curagauw” en “Meteenarife”. Een Noordelijk bekende textielketen vond dit zo’n flauwe reclame dat zij als parodie T-shirts liet bedrukken met op de voorkant “DD-reizen” en op de achterkant, “Costa del Snol”. Deze gele T-shirts werden in haar winkels aangeboden en verkocht.

Nadat een medewerker van D-reizen deze T-shirts had ontdekt en daarop de directie was ingelicht duurde het niet lang of er viel een boze brief op de mat van onze klant. De T-shirts waren volgens D-reizen een inbreuk op hun merkrecht en tevens een inbreuk op hun eer en goede naam. Met deze brief kwam de klant bij ons op kantoor. De klant zelf vond het in eerste instantie een geweldige stunt en zag niet in dat deze grap kon leiden tot enige inbreuk van het merk van D-reizen, laat staan dat het het reisbureau schade zou berokkenen. Hoewel we namens de klant probeerden de boel nog wat te sussen en probeerden D-reizen ervan te overtuigen dat het vooral als ludieke actie was bedoeld zag D-reizen de grap er niet van in en kondigde een kort geding aan.

Ons advies aan de klant was dat een procedure zeer risicovol was en dat de kans op verlies en de daarmee gepaard gaande kosten groot was. De klant besloot het er echter toch op aan te laten komen.

Ondertussen was de pers op de hoogte (gebracht?) van het conflict tussen beide partijen en werd er in de aanloop naar de procedure al veelvuldig over de zaak geschreven in de plaatselijke en landelijke pers. Dat mijn klant daarin met naam en toenaam werd genoemd legde haar overigens geen windeieren. De T-shirts vlogen de winkel uit en de sympathie voor deze klant met humor -als ware zij een soort David tegen de Goliath van de reiswereld-  groeide in aanloop naar de zitting.

Tijdens de zitting was het overigens al snel duidelijk welke kant het op zou gaan. Het verweer dat de klant het recht had een parodie te maken op de reclame van D-reizen, dat staat in artikel 18b van de Auteurswet, werd door de rechter -wellicht gespeend van enig gevoel voor humor- resoluut terzijde geschoven. Partijen werden de gang op gestuurd met het voorlopig oordeel van de rechter dat onze klant met het gebruik van de term DD-reizen inbreuk had gemaakt op het merkrecht van D-reizen en de eer en goede naam had aangetast.

Tijdens de onderhandelingen werd een schikking tussen partijen bereikt. Onze klant beloofde alle T-shirts uit de winkel te halen en te vernietigen. Ook kwamen partijen overeen dat onze klant een boete zou betalen in de vorm van een donatie aan een door D-reizen aan te wijzen goed doel.

Een duidelijke nederlaag voor mijn klant zou je denken?
Nee. Integendeel. Mijn klant kreeg door dit kort geding landelijke (positieve) aandacht en haalde naar ik me meen te herinneren zelfs het achtuurjournaal. 

En de T-shirts? Die werden uit de handel gehaald en de al eerder verkochte exemplaren werden op Marktplaats aangeboden voor astronomische hoge bedragen. Het DD-reizen T-shirt was in één klap een collectors-item geworden.

Lees meer

Objection!

Geplaatst op: april 29, 2022

Als ik op verjaardagfeestjes mensen vertel wat voor werk ik doe is de reactie al snel. “Oh, advocaat. Dat lijkt me zo leuk. Getuigen ondervragen tot ze zichzelf verraden en iedere keer “Objection, Your  Honor!” roepen”. Ik vertel ze dan dat het er in de Nederlandse rechtbanken – en zeker in mijn soort zaken- een stuk saaier aan toe gaat.

Het klassieke pleiten voor een jury zoals zo vaak gebeurt in series op bijvoorbeeld Netflix en waarbij een (strafrecht)advocaat pleitend uit zijn hoofd een hele jury bekeert, komt in Nederland niet voor. Sterker; het echte pleiten, dus een zitting waarin advocaten eigenlijk alleen maar hun standpunten toelichten en de rechter inactief luistert, komt bijna nooit meer voor.

Tegenwoordig worden zaken al snel behandeld op een comparitie na antwoord waarin de rechter vaak alles behalve inactief is. Ook het pleiten wordt sterk aan banden gelegd en zelfs ontmoedigd. Soms wordt het je toegestaan ‘spreekaantekeningen” voor te lezen maar die mogen dan vooral niet te lang zijn. Stiekem denk ik dat rechters het maar lastig vinden dat ze bij een comparitie de advocaten van partijen eerst het woord moeten geven. De ene rechter laat dat overigens duidelijker blijken dan de  andere.

Recent had ik een weer eens een comparitie. Niet na antwoord maar na dupliek, na het laatste schriftelijke stuk. Corona had een eerdere zitting verhinderd. Uit het tussenvonnis bleek mij wie de rechter was die de zaak behandelde en uit ervaring wist ik dat deze het lastig vindt om te luisteren naar wat de advocaten te zeggen hebben. Ik had mijn klant daar ook op voorbereid. Ik zond hem mijn spreekaantekening op voorhand en vertelde hem ook nog voor de zitting dat mijn ervaring was dat deze rechter partijen wel eens ruw wilde onderbreken tijdens hun spreektijd.

Ook nu gebeurde dat weer.

In een zaak waarin ik vond dat de eisende partij te laat een eiswijziging had doorgevoerd – na dupliek en voorafgaand aan de zitting- wilde ik daar eerst iets over zeggen. Ik wilde mij daartegen verzetten met een beroep op de goede procesorde. Uiteraard had ik mijn huiswerk gedaan en had ik citaten opgeschreven uit uitspraken waarin andere rechters – onder volgens mij gelijke omstandigheden- ook de mening waren toegedaan dat het wijzigen van de eis zo laat in de procedure in strijd was met de goede procesorde. Ik had mijn klant (gelukkig) wel verteld dat de kans dat de eiswijziging niet zou worden toegestaan heel klein was.

Ik was nog niet begonnen met mijn verhaal of werd wreed onderbroken door de rechter die interrumpeerde: “Sinds wanneer mag een partij haar eis niet wijzigen? Dat mag volgens artikel 130 Rv totdat er eindvonnis is gewezen!” Ik vertelde  de rechter dat het te doen gebruikelijk is dat advocaten eerst de gelegenheid krijgen hun standpunten toe te lichten en dat de rechter vervolgens een uitspraak daarover doet. De rechter liet duidelijk non verbaal merken dat hij niet overtuigd wilde worden. Door mij direct te interrumperen en dus als het ware “objection” te roepen had hij zijn standpunt eigenlijk al duidelijk gemaakt.  

Nadat de eerst de rest van de zaak werd besproken tussen partijen en de rechter en een schikking op de gang op niets uitliep, bood de rechter mij zijn excuses aan. Hij had me moeten laten uitspreken, zei hij. Kijk, dat is uiteraard wel leuk – zo’n excuus- maar is wel een beetje mosterd na de maaltijd. Als ik mijn klant niet van te voren had gewaarschuwd voor de grillen van deze rechter en hem niet had verteld dat ons verweer tegen de eiswijziging niet veel kans zou maken had mijn klant – direct na de onderbreking door de rechter- misschien gedacht dat ik mijn vak niet verstond. Nu dacht hij dat wellicht van de rechter.

Lees meer

Familietoernooi

Geplaatst op: april 8, 2022

Tijdens mijn studententijd in Groningen was ik lid van studentenvolleybalvereniging Donitas. Mede vanwege de toenmalige studieomstandigheden; een basisbeurs, geen verplicht studieadvies en de lange duur van mijn studie, koester ik warme herinneringen aan die tijd. Niet in de laatste plaats omdat ik daar mijn huidige vrouw ontmoette.

Omdat het bloed kruipt waar het niet gaan kan is mijn dochter ook gaan volleyballen. Eerst in Emmen maar toen ze ging studeren in Groningen bij (uiteraard) Donitas. Liefkozend wordt ze binnen de club Doni-baby genoemd. Eerst dacht ik dat het een studentikoze benaming was voor een eerstejaars maar het bleek de naam te zijn voor leden van wie beide ouders gevolleybald hebben bij Donitas. Naast mijn dochter lopen er dus meerdere Doni-baby’s rond, zo vertelde ze.

Uiteraard mochten we dus ook niet ontbreken op het Donitas familietoernooi.

Met onze basketballende zoon in onze gelederen en niet ingeschreven op het hoogste niveau zou het toch mogelijk moeten zijn om wat andere families te verslaan. Niets bleek minder waar, waarbij ik dan vooral de hand in eigen boezem moet steken. Nu had ik vanaf 1998 al niet meer echt gevolleybald maar ik had tot een paar jaar terug nog wel volleybaltraining geven en af en toe eens mee gedaan. Ik zou het toch nog wel moeten kunnen. Wederom was niets minder waar. Hoewel in mijn hoofd mijn techniek en mijn motoriek nog puntgaaf leken bleek al snel uit de door de kinderen gemaakte filmpjes dat het er niet uitzag. Een oude motorisch gestoorde man die dacht dat hij het nog wel kon. De pijn van het verliezen stond overigens in geen verhouding tot de pijn in alle gewrichten en ledematen in de week erna maar dat terzijde.  

Toen ik de maandag erop op kantoor een letselschadedossier opensloeg maakten mijn pijnlijke knieën overigens al snel plaats voor plaatsvervangende schaamte. Wat liep ik nou te mokken dat ik het niet meer kon.

Het betrof een dossier van een slachtoffer van een verkeersongeval dat daarbij een dwarslaesie opliep. Van het ene op het andere moment zag hij zijn leven als jonge vader veranderen in dat van een zwaar gehandicapte en hulpbehoevende vader. De man was door een appende vrachtwagenchauffeur van achteren aangereden. Na jarenlange revalidatie was mijn klant vooral door een ontiegelijk groot doorzettingsvermogen en mede door voorschotten van de verzekeraar van de vrachtwagen erin geslaagd weer iets van een ‘normaal’ bestaan op te bouwen. Zijn zaak loopt nu al meer dan vier jaar. In die periode is zijn hele huis aangepast, heeft hij zijn werk in aangepaste vorm weer voor een deel kunnen hervatten en staat hij ogenschijnlijk positief in het leven en kijkt hij uit naar hetgeen de toekomst hem brengt.

Terwijl ik zijn dossier weer doorlees en mij zet aan een mail naar de verzekeraar waarin ik nieuwe bevoorschotting verzoek realiseer ik me hoeveel veerkracht letselschadeslachtoffers vaak laten zien. Slachtoffers blijken in staat zich al snel te verhouden tot de nieuwe werkelijkheid. Vaak zitten ze niet bij de pakken neer en pakken ze zo goed en zo kwaad ze kunnen de draad weer op. Het blijft mooi om daarbij te kunnen helpen. Door het vorderen van financiële ondersteuning maar door ook het regelen van hulp in natura of door derden in te schakelen die letterlijk hulp verlenen. Een schaderegelaar vroeg eens aan een klant van mij: “Ben je weer de oude?”. Hij antwoordde: “Nee, ik ben de nieuwe”.  Dat vond ik prachtig verwoord.

Als ik dus weer een familietoernooi heb zal ik mezelf dan ook voorhouden dat niet oude tijden herleven maar nieuwe tijden aanbreken. Tijden waarin ik de rest van de familie vanaf de kant ga aanmoedigen.

Lees meer

HV doet wat ie belooft!

Geplaatst op: maart 18, 2022

Het voorjaar; de tijd van het jaar waar we met zijn allen naar uitkijken, toch?
In deze bijna post-Coronatijd van oorlog en desinformatie zal ik in ieder geval proberen elke zonnestraal met een glimlach te absorberen.

Het voorjaar betekent voor menig huis- en tuinbezitter een tijd van verplichte tuinwerkzaamheden. Ook ik ontkom daar niet aan.  Ik woon in het oude centrum van Emmen aan de rand van het vroegere Noorderdierenpark en ben gezegend met eeuwenoude eiken achter onze tuin. Maar deze door mij getelde zegeningen hebben ook een keerzijde. In de herfst kliko’s vol bladeren en eikels en in het voorjaar een groene waas op de stoepen en het terras. Ieder jaar moet ik thuis weer beloven dat ik het straatwerk ontdoe van deze groene waas. Zo ook dit jaar.

Gelukkig zag ik vorige week een buurvrouw thuiskomen met grote plastic flessen van het bekende huishoudmerk met twee hoofdletters. Ze had groene-aanslagreiniger gekocht. Het merk zou doen wat het beloofde, zo luidde althans de reclameslogan. Op de fles stond een foto van een terras waarvan de ene kant een groene kleur had, net zoals mijn terras, en aan de andere kant stond een terras zonder die groene waas en met helderdere rode bakstenen. Op de achterzijde stond:

Na het aanbrengen van het product is de algengroei binnen 36 uur geheel verdwenen.”

Onmiddellijk toog ik naar de bouwmarkt en sloeg voor de zekerheid een groot aantal flessen in. Vervolgens had ik binnen het uur alle terrassen, de oprit en de stoepjes bespoten met dit wonderspul. Zo makkelijk was ik er nog nooit van afgekomen.

De aanprijzing van dit product loog er niet om. Ik was dan ook vol vertrouwen. Toch werd dat vertrouwen geschaad. Na 36 uur werd het beloofde verschil zoals op de foto op de fles bij lange na niet gehaald. Hoezo; doet wat het belooft?

Als je als consument een product hebt gekocht en meent dat de reclame daarvoor iets beweert wat niet juist is, kun je een klacht indienen bij de Reclame Code Commissie (RCC). Uiteraard heb ik gezocht maar ik kon daar geen uitspraak vinden over de groene-aanslagreiniger. Wel een uitspraak over datzelfde merk maar dan over haar Strijkboutreiniger. Uit de uitspraak blijkt:

“Op de verpakking staat, in verschillende talen, de tekst “strijkboutreiniger”, met hiernaast een afbeelding van de onderkant een strijkbout waarvan een gedeelte zichtbaar gereinigd is met behulp van het bewuste product.”

Een  ontevreden strijkbouteigenaar die na het gebruik van de reiniger zijn strijkbout nog net zo vuil zag zijn als ik mijn terras, had bij de RCC geklaagd. De uitspraak van de RCC stelde mij echter teleur. Die luidde:

“Door deze afbeelding en tekst op de voor en achterzijde van de verpakking wordt de verwachting gewekt dat het product een reinigende werking heeft, maar niet  dat iedere te bedenken vervuiling door het product wordt verwijderd. Op de verpakking hoeft dan ook niet met zoveel woorden te worden vermeld dat de reiniger slechts bedoeld is voor normale vervuiling, zodat de klacht in zoverre niet slaagt.”

Klagen lijkt dus zinloos. Mij kennende zal de conclusie wel zijn dat mijn stoep meer dan normaal vervuild was.

Ik heb de hogedrukspuit er dus maar weer bij gepakt.
Omdat ik wel doe wat ik beloof!

Lees meer

Gratis advies?
Sluiten

Gratis 10 minuten letselschade advies.