Noodpakket

Geplaatst op: december 15, 2025

We vierden al jaren geen Sinterklaas meer. We gaven elkaar (Judith, de kinderen, hun aanhang en ik) wel cadeautjes maar die lagen normaliter op eerste kerstdag onder de kerstboom. Judith was volgens mij degene binnen ons gezin die er geen zin meer in had. Vanuit het onderwijs was ze getuige geweest van de impact die de Pietendiscussie had op leerkrachten, ouders, kinderen en het omveld. Zelf was haar school jaren geleden één van de eerste scholen in Emmen die roetveegpieten introduceerde maar het schisma dat dat met zich meebracht gaf voor haar het Sinterklaasfeest een nare bijsmaak. 

Of het nou was omdat Kick-out-zwarte-Piet zich wegens eigen succes ophief of omdat dochter Lies toch weer heel graag eens een ouderwetse pakjesavond wilde vieren weet ik niet, maar dit jaar hebben we het feest in ere hersteld. Op de verjaardag van de goedheiligman zaten we dus met ons gezin, de aanhang en mijn vader klaar voor een heerlijk avondje. We doen het zonder surprises en zonder gedichten, zo besloot een ruime meerderheid. Dat vond ik jammer. Kijk, die surprises kunnen me gestolen worden, maar Sinterklaas zonder gedichten is (zoals Hans Teeuwen het zo mooi vertelde) als een badmeester zonder fluitje. Om die reden ben ik in de pen geklommen en heb voor iedereen een gedicht geschreven. Gewoon omdat ik het leuk vind om te rijmen en omdat het erbij hoort. Uiteraard deed mijn vader, als oud onderwijzer en de genetische bron van mijn schrijvelarij, ook een duit in het zakje met mooie handgeschreven gedichtjes. We hebben elkaar goed verwend, van alle kanten stroomden pakketjes binnen die getooid in feestelijk papier in grote jute zaken verdwenen en vervolgens gretig weer van dat papier werden ontdaan. Een heerlijk avondje werd het.

Wat er die week overigens ook werd bezorgd was een pakketje van onze overheid. Althans, er werd een soort folder in de brievenbus gedropt waarin we werden opgeroepen een noodpakket in te slaan voor barre tijden die -aldus die folder- ons te wachten staan. Van pakketje naar noodpakket. Van heerlijk avondje naar oorlogswinter in één week. In huize Venema sloeg vooral bij Judith de paniek toe. Of we wel genoeg water in huis hadden? En was er wel voldoende blikvoer? De folder gaf een uitgebreid overzicht van de zaken die je toch echt voor elkaar zou moeten hebben en was het een examen geweest, waren wij als huize Venema grandioos gezakt. Ik probeerde de onrust bij Judith wat te temperen. Ik liet haar de podcast van Maarten van Rossem horen. Van Rossem is een toonbeeld van het relativeren. Van Rossum predikt -als de wijze opa die je altijd gehad had willen hebben- vooral voor rust. Als het gaat over de Russische dreiging roept hij steevast “Wat een flauwekul! Wat een bangmakerij!”. Ik liet Judith juist die passages van de podcast horen en warempel, het hielp (voor even).

Terwijl haar zoektocht naar noodradio’s, warmtedekens, fluitjes (Waar heb je die in godsnaam voor nodig?), en andere survivalgadgets afnam deed Mark Rutte als baas van de NAVO er toch weer een schepje bovenop. Dat we ons toch moeten gaan voorbereiden op onzekere tijden, dat we Ruslands volgende doel zijn en dat er niet eerder een zo grote oorlogsdreiging is geweest sinds onze opa’s en oma’s die hebben meegemaakt, aldus een voor zijn doen uiterst serieuze Rutte.

We hebben dus thuis een nieuwe discussie. Hoewel ik in het kamp Van Rossem blijf zitten en Judith toch voor kamp Rutte heeft gekozen heb ik deze week toch maar een aantal grote flessen water gekocht. Ik ben veel te bang dat als het onverhoopt toch mis gaat ik – schuilend in onze kelder- de roetveegpiet toegespeeld krijg.

Lees meer

Ai ai ai

Geplaatst op: november 21, 2025

De titel van deze Vrijmiblo moet je als ‘uitroep’ of ‘verzuchting’ lezen. Ik zei het hardop tegen mezelf nadat ik las over een advocaat die op de vingers was getikt door de rechtbank Rotterdam wegens het aanvoeren van niet bestaande jurisprudentie. De rechtbank oordeelde:

“In de conclusie van antwoord heeft Dwaard verwezen naar (vermeende) uitspraken van de Hoge Raad ten aanzien van het handelsnaamrecht, met vermelding van een (vermeend) ECLI-nummer. Geen enkele van de aangehaalde (vermeende) arresten heeft betrekking op het handelsnaamrecht. Sommige ECLI-nummers horen bij strafrechtelijke uitspraken, andere bestaan in het geheel niet.“

In mijn Vrijmiblo “mr. Chat” vertelde ik al over brieven die ik ontving met daarin vermeende jurisprudentie die vervolgens helemaal niet bleek te bestaan. Dat gebeurt overigens steeds vaker. Vorige maand ontving ik zelfs een verweer van een door mij aangeschreven ondernemer die dat hele verweer had laten schrijven door AI en dat ook nog eens vermelde aan het einde van het verweer. Dat particulieren zich bedienen van AI; daar kan ik me wel iets bij voorstellen. Maar dat advocaten klaarblijkelijk door AI gegenereerde teksten één op één omzetten in processtukken was mij (nog) niet bekend. De rechtbank Rotterdam hield het overigens bij een vermanend vingertje en overwoog dat de onjuiste verwijzingen geen invloed hadden op de uitkomst en dus onbestraft bleven. Nee, dan Amerika; daar kreeg een advocaat een boete van vijfduizend dollar vanwege het aandragen van niet bestaande jurisprudentie, aldus dit artikel. Het was de rechtbank zelf overigens die de boete aan de advocaat oplegde.

Dat het in deze Vrijmiblo weer over AI gaat zegt enerzijds wellicht iets over mijn haat-liefde verhouding met deze ontwikkeling, anderzijds zegt het ook iets over het huidige tijdsgewricht. In ons clubblad, Het Advocatenblad, wordt denk ik iedere editie wel een artikel over het gebruik van AI in de juridische wereld geschreven en ook ik ben ondertussen om. Ik gebruik sinds een tijdje een AI-zoekmachine die als bron alleen de uitspraken gepubliceerd op rechtspraak.nl gebruikt. Deze zoekmachine neemt mij werk uit handen. Met het invoeren van een goede prompt tovert hij (of zij?) in no-time een verslag van de relevante jurisprudentie met (werkende) links naar de uitspraken tevoorschijn. Ik gebruik het vooral om snel juridische grondslagen te zoeken voor door mij gewenste standpunten in een zaak en snel een overzicht te krijgen van de relevante jurisprudentie.

Toch gaat het ook bij dit programma wel eens fout. Recent vroeg ik om uitspraken over het verrekenen van een transitievergoeding met schadevergoedingen in een letselschadezaak. Met een verwijzing naar een specifieke uitspraak meldde deze tool mij dat de rechtbank Den Haag geoordeeld had dat het redelijk is om een transitievergoeding niet te betrekken in de afwikkeling van een letselschadezaak. Daadwerkelijke lezing van de uitspraak leerde mij dat de rechtbank exact het tegenovergestelde had geoordeeld. Had ik niet de moeite genomen het vonnis ook daadwerkelijk zelf te lezen en had ik het AI-standpunt klakkeloos overgenomen in mijn processtuk was ik goed nat gegaan.

Als lezer van deze Vrijmiblo denk je wellicht dat het mooi zou zijn als er iemand is die je door AI geschreven stukken toch nog even kan controleren. Die lezer moet ik dan toch nog een keer attenderen op het Punt Advocatuur juridisch ondernemers abonnement. Als abonnementhouder kun je immers je AI geschreven documenten kosteloos laten controleren. Dat AI mijn werk gaat veranderen staat buiten kijf. Maar zolang AI fouten blijft maken vrees ik niet voor mijn bestaan als advocaat.  

Lees meer

Emigreren

Geplaatst op: oktober 31, 2025

Deze herfstvakantie hebben Judith en ik een weekje doorgebracht in Andalusië. Vrienden van ons zijn kortgeleden geëmigreerd naar Almeria. Om met eigen ogen te zien wat hun heeft bezield en waar ze terecht zijn gekomen hebben we een vlucht geboekt naar Granada. Daar verbleven we eerst drie nachten. We hadden een Airbnb recht tegenover het Alhambra. Naast het bezoek aan onze vrienden wilden we dit werelderfgoed ook graag bewonderen. We dachten anderhalve week voor onze aankomst dat het verstandig zou zijn om alvast kaartjes te bestellen. Mooi op tijd dacht ik. Althans, dat dacht ik tot dat moment. Alle kaartjes voor het Nasrid paleis, de must see binnen het Alhambra, waren al stijf uitverkocht. We moesten het doen met tickets voor de overige bezienswaardigheden binnen de muren van het fort. Ook die waren gelukkig zeer de moeite waard. Na drie dagen Granada zijn we met de trein naar Almeria gegaan. Een ons onbekende stad aan de boorden van de Middellandse Zee omringd door kilometers aan kassen en woestijnachtige heuvels. Weinig toeristen, heel veel studenten, een mooie oude binnenstad en wederom een heus fort dat hoog boven de stad uittorent; het Alcazba. Onze vrienden hebben het uitstekend voor elkaar. Ze hebben de Spaanse levensstijl al een beetje omarmd en maken zich niet zo snel druk om dingen. Uiteraard gaat hun emigratie gepaard met ik-vertrek-achtige taferelen en hebben ze meer dan kennis gemaakt met de Spaanse bureaucratie en de langzaam draaiende molens van gemeenten, banken en andere autoriteiten. Bij sommige van hun anekdotes hoorde je de sarcastische voice-over van “Ik vertrek” licht spottend zijn verhaal doen.

Onze vrienden hebben in Nederland alles verkocht en zijn zonder echt plan vertrokken naar Spanje. “We zien wel waar we uitkomen en zien dan wel wat we daar gaan doen” vertelden ze toen ze ons deelgenoot maakten van hun plannen. Ze zijn dus in Almeria terecht gekomen maar weten nog niet wat ze willen gaan doen. Als je in Nederland je banen opzegt, huis en haard (goed) verkoopt en in Spanje een appartementje huurt hoef je gelukkig ook niet direct weer wat te gaan doen.

In mijn letselschadepraktijk heb ik al enkele slachtoffers bijgestaan die na de afwikkeling van hun letselschadezaak ook besloten om te gaan emigreren. Overigens altijd slachtoffers die door een ongeval volledig arbeidsongeschikt raakten. Enerzijds omdat ze binnen Europa hun WIA-uitkering mee konden nemen en geen re-integratie verplichtingen meer hadden maar vaak ook omdat de warmte in zuidelijke landen hun klachten verbeterden/verlichtten. In principe is het zo dat, als een letselschadezaak is afgewikkeld, het slachtoffer volkomen vrij is in het uitgeven van de schadevergoeding. De schade wordt begroot op een zodanige wijze dat het slachtoffer in financiële zin net zoveel inkomen heeft als ware hem/haar het ongeval niet overkomen. Bij volledige arbeidsongeschiktheid dus het bedrag dat het verschil is tussen een maandelijkse WIA-uitkering en het maandelijkse salaris dat het slachtoffer zonder ongeval zou hebben kunnen verdienen alsook het verschil in het uiteindelijke maandelijkse pensioen met en zonder behoud van hun baan. De schadevergoeding wegens het verlies aan verdienvermogen is dus eigenlijk bedoeld om iedere maand het inkomen en/of het pensioen aan te vullen. Als het slachtoffer er vervolgens voor kiest die schadevergoeding aan te wenden voor de aanschaf een nieuwe Mercedes (echt gebeurd) of aan een (al dan niet tweede) huis onder de Spaanse zon is dat volledig de vrije keuze van het slachtoffer zelf. Terug naar onze geëmigreerde vrienden. Ook zij kozen er bewust voor alles achter zich te laten en te vertrekken. Terug in het vliegtuig bekroop mij de vraag; “Zou ik dat ook willen? Alles verkopen en emigreren”. Ik was er snel uit. Ik durf dat helemaal niet. Daarbij realiseerde ik me direct dat ik mijn werk nog veel te leuk vind om te stoppen en wellicht belangrijker, waar moeten mijn Vrijmiblo’s dan over gaan?

Lees meer

Facebook

Geplaatst op: oktober 17, 2025

Voor dit vierde kwartaal staat weer een reclamecampagne op de planning. Zoals ik al eerder schreef maak ik reclame voor mijn letselschadetak. Punt Letselschade moet het vooral hebben van mond-op-mond-reclame maar een beetje regionale naamsbekendheid kan uiteraard geen kwaad. Om die reden ben ik weer gestart met reclame-uitingen op de tv-schermen in de Jumbo’s in en om Emmen. Ook wilde ik weer een advertentiecampagne beginnen op Facebook. Mijn marketeer Ton had bedacht dat een oude Vrijmiblo over de helmplicht met een foto van mij met fietshelm belangstellende en nieuwgierige Facebookscrollers zou aantrekken. “Leuk bedacht”, vond ik. Facebook dacht daar anders over. Toen Ton de advertentie wilde plaatsen ontving hij van Facebook de volgende mededeling: “Advertentie kan niet worden weergegeven.” Ter toelichting berichtte Facebook:

Je advertentie kan zijn afgewezen omdat deze politici vermeld of over gevoelige maatschappelijke kwesties gaat die invloed kunnen hebben op de publieke opinie, hoe mensen stemmen en de uitkomst van verkiezingen of wetsvoorstellen.” (spel en schrijffouten zijn van Facebook)

Wat stond er dan in de advertentie vraag je je af? Nou, niet zo veel. Naast een niet al te charmante foto van mij met een fietshelm stond de tekst: “Helmplicht? Niet alleen voor fatbikes volgens mr. Han Venema”. Daarbij was de link opgenomen naar de Vrijmiblo met de titel ‘Helmplicht’. Een vrij onschuldige advertentie lijkt me, met een vrij onschuldige tekst. Maar klaarblijkelijk is in deze tijd van nepnieuws, internettrollen en haatcampagnes iedere verwijzing naar een politiek onderwerp levensgevaarlijk. Ton heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering deze advertentie te plaatsen. Volgens Facebook moet een advertentie die in haar ogen politiek gekleurd is worden geverifieerd. Dat kan door jouw identiteit te bevestigen en aan te geven wie de advertentie betaalt. Ook dat heeft Ton gedaan. Hij heeft doorgegeven dat de advertentie wordt geplaatst en betaald door Punt Advocatuur. Het heeft niet mogen baten.

Klaarblijkelijk is de helmplicht volgens Facebook een politiek onderwerp. Ik deed een klein onderzoek naar welke politieke partijen de helmplicht in hun verkiezingsprogramma hebben staan. En het onderwerp is inderdaad meer politiek dan ik dacht. De VVD, NCS en PVDA/GL hebben in hun verkiezingsprogramma staan dat ze een helmplicht willen voor fatbike rijders en fietsers op een elektrische fiets. De PVV wil alleen een helmplicht en een leeftijdgrens voor fietsers op een fatbike. De helmplicht voor de elektrische fiets, daar moet de PVV niets van weten. “Daar blijven we van af!” aldus haar programma. Opvallend vind ik dat de partij, die bij uitstek moet opkomen voor een bevolkingsgroep die er volgens mij er verstandig aan doet een helm te dragen, 50 Plus, niet voor een helmplicht is. Zij vertrouwt volgens haar programma op ‘goede voorlichting”. Een partij als Forum voor Democratie maakt zich helemaal niet druk over de helmplicht, daarover zal je niets vinden in het programma. Als je bij FVD zoekt op ‘helm’ vind je “Keizer Wilhelm” in een stuk waarin staat dat Nederland een geschiedenis kent van neutraliteit. De Duitse Keizer kreeg in 1899 asiel in Nederland en werd niet uitgeleverd aan het Internationaal hof, aldus de FVD.Dat er toen geen Internationaal Strafhof bestond is klaarblijkelijk niet relevant, maar dat terzijde.

Politiek en politiek beladen onderwerpen zijn dus taboe als het gaat om adverteren op Facebook. Ik heb Ton daarom voorgesteld te adverteren met de Vrijmiblo “Worteltjestaart”. Of zal daarover iets in de het programma van de Partij voor de Dieren staan?

Lees meer

Buddy

Geplaatst op: oktober 3, 2025

Terwijl ik vandaag eigenlijk wilde gaan beginnen aan een Vrijmiblo over adverteren op Facebook realiseer ik me dat ik nog nooit een blog heb geschreven over mijn buddy. En dat terwijl ik al langer een buddy heb dan ik advocaat ben. Sterker; zonder deze buddy zou ik waarschijnlijk niet eens advocaat zijn geworden. Dat vraagt wellicht om enige toelichting.

Mijn buddy heet Eric. Ik heb Eric leren kennen toen we ons -halverwege de jaren negentig van de  vorige eeuw- samen als werkloze juristen hadden aangemeld voor een postacademische opleiding letselschade. Eric en ik hebben allebei rechten gestudeerd in Groningen en hadden allebei moeite met het vinden van een eerste ‘echte’ baan. Dat lag niet aan ons zelf of aan onze cijferlijsten; dat lag aan de tijdgeest. Eind vorige eeuw lagen de banen voor juristen niet bepaald voor het oprapen.

We konden gelijk goed met elkaar overweg. Dat had waarschijnlijk te maken met het feit dat we nog niet uitgestudeerd waren of beter gezegd niet ‘uitgestudent’ waren. Het leven als student vaarwel zeggen vonden we allebei best lastig.

Tijdens de opleiding werd ons opgedragen een buddy te zoeken; een medestudent waarbij je steun kon zoeken als er iets niet goed zou gaan. Mijn keuze viel op Eric en gelukkig was dat wederzijds. Waarschijnlijk omdat we al snel door hadden dat naast de serieuze bedoeling van het zijn van buddy’s we met z’n tweeën vooral heel veel plezier konden maken. Het heeft gewerkt want ik herinner me die postacademische periode als een heel plezierige. Na het behalen van onze diploma’s ging Eric werken bij FBTO in Leeuwarden. Ik bij Univé in Assen.

Normaliter zou het verhaal daar afgelopen zijn. Je verliest elkaar uit het oog en daarmee uit het hart. Ik heb verder met niemand contact gehouden maar met Eric wel. Zelfs toen hij de overstap maakte naar de Pals Groep hielden we contact. De Pals Groep was een kantoor dat enkel voor slachtoffers optrad en Eric probeerde mij er van te overtuigen dat ik voor de ‘verkeerde kant’ werkte. Ik vond als beginnende werknemer bij een verzekeraar dat juist Eric heulde met de vijand. De Pals Groep stond er toen om bekend de luis in de pels van verzekeraars te zijn. Ik hield Eric voor dat ik nooit zo’n ‘luis’ zou worden.

Medio 1997 belde Eric mij met de mededeling dat ze bij Pals Emmen medewerkers zochten. Dat was echt iets voor mij volgens Eric en hij had bij wijze van spreken al een gesprek voor mij ingepland. Enige tijd later reed ik daarom in mijn Citroën CX vanuit Assen naar Emmen in plaats van terug naar Groningen om daar aan te horen wat deze luis in de  pels mij te bieden had.  Dat bleek heel wat. De Pals Groep was voor mij een opstap naar de advocatuur en bij de oprichting van het advocatenkantoor op 1 januari 1998 trad ik daar in dienst. In 2003 werd ik mede-eigenaar van het kantoor samen met Eric die overkwam van de Pals Groep. Mijn buddy als mede eigenaar was overigens geen garantie voor zakelijk succes. Na ongeveer tien jaar lief maar ook leed te hebben gedeeld vertrok Eric weer terug naar de Pals Groep. Ik ging als enig aandeelhouder in het kantoor verder. Eric en ik hielden veel contact. We sparden over inhoudelijke zaken, roddelden over (oud)collega’s en stonden gevraagd en ongevraagd voor elkaar klaar met adviezen.

Eric werkt ondertussen aan de overkant. Niet letterlijk, nee, hij werkt nu voor een kantoor dat verzekeraars bijstaat in de afwikkeling van letselschadezaken. Heeft dat wat gedaan met onze relatie? Nee, helemaal niet. Nog steeds sparren we over zaken en bespreken we mogelijke oplossingen in moeilijke gevallen. Het maakt daarbij niet uit aan welke kant we staan. Ik gun iedere beginnende onder- of werknemer een Eric!

Lees meer

De honderdste!!

Geplaatst op: september 19, 2025

Vandaag publiceer ik mijn honderdste Vrijmiblo. Voor mij een mijlpaal. Dat had ik oprecht niet bedacht toen ik de titel van mijn eerste Vrijmiblo (“Worteltjestaart”) typte; dat er wel honderd zouden volgen. Ook niet dat de Vrijmiblo’s zo enthousiast onthaald zouden worden. Het schrijven van de Vrijmiblo heeft echt iets met mij gedaan. Ik merk bij mezelf dat ik het oprecht leuk vind om iedere veertien dagen weer iets te verzinnen waarvan ik hoop dat het de lezers interesseert. Omdat ik altijd wel actueel probeer te zijn houdt het mij ook scherp op wat er om me heen – niet alleen op mijn vakgebied- gebeurt. Daarbij realiseer ik mij dat mijn interesse voor taal, wat taal kan doen met de lezer (en de schrijver) en mijn plezier in het schrijven zelf is toegenomen. Voor iemand die vaak lange en saaie processtukken en pleitaantekeningen moet schrijven is dat een mooie bijkomstigheid.

Als schrijver van de Vrijmiblo beleefde ik afgelopen april mijn (voorlopig) hoogtepunt door het bundelen en uitgeven van veertig van mijn (minst beroerde) Vrijmiblo’s in boekvorm. Het maken van de bijpassende foto’s (door Peter Timmer) en de droge en af en toe kritische kanttekeningen van Ton Munneke zorgden voor veel plezier bij het samenstellen van het boekje. Maar nu ik het boekje weggeef en de reacties van de ontvangers ronduit positief zijn, vervult mij dat ook wel met een trots gevoel. Afgelopen week nog ontving ik foto’s van een lezer die op vakantie in Indonesië mijn boekje las. Ik zeg bij het weggeven van het boekje altijd dat het mijn visitekaartje is. “Als je dit leest weet je wie ik ben en wat mij bezighoudt’ vertel ik de ontvangers altijd. En zo is het ook.

Uiteraard kent het schrijven van de Vrijmiblo’s nog altijd een achterliggende commerciële bedoeling. Niet dat je voor het volgende bundeltje naar de boekhandel moet en ervoor moet gaan betalen, maar wel dat het schrijven en publiceren van de Vrijmiblo’s mij moet helpen aan nieuwe opdrachten. Ik hoop dat de lezers van de Vrijmiblo’s mijn naam onthouden en als ze ooit eens hulp nodig hebben aan mij denken. Of dat nou gaat om ondernemers of letselschade slachtoffers door het schrijven van de Vrijmiblo’s hoop ik dat mijn naam ergens in hun achterhoofd blijft hangen. Om die reden houd ik ook altijd bij hoeveel duimpjes ik scoor op LinkedIn en welke Vrijmiblo’s het goed en welke het minder goed doen.

Ik begreep van Ton dat de wijze waarop ik op LinkedIn publiceer niet echt bevorderlijk is voor de hoeveelheid impressies (daaraan meet ik het succes af). Ton vertelde mij omdat ik alleen de link naar de website plaats, LinkedIn niet echt haar best voor mij doet om zo veel mogelijk lezers te bereiken. Want het klikken op de link betekent immers dat je van LinkedIn afgaat. Ik zou er dus beter aan doen de hele Vrijmiblo te plaatsen als bericht en niet enkel de link. Maar ik plaats de link nu juist omdat ik meer mensen naar mijn website wil laten gaan. Daar worden ze immers geconfronteerd met die vervelende pop-ups die de argeloze lezer moet verleiden informatie aan te vragen en contact te leggen. Een welhaast duivels dilemma dus.

Ik denk dat Ton overigens wel gelijk heeft. De post met de meeste reacties en impressies was de post van de foto waarop ik het eerste exemplaar van het boekje officieel overhandig aan mijn vader. Die post had geen link en werd het meest gezien en geliket. Om die reden heb ik voor deze honderdste Vrijmiblo een list verzonnen. In de tekst op LinkedIn die naar de link verwijst heb ik een prijsvraag opgenomen ter ere van deze Honderdste Vrijmiblo. Hopelijk levert dat niet alleen enthousiaste prijswinnaars op maar ook meer impressies omdat er toch iets meer op LinkedIn staat dan alleen de link. Voor de lezers op de website die zich afvragen waar dit allemaal over gaat. De prijsvraag luidt: ”Wat is de titel van de Vrijmiblo waarin ik schrijf dat Judith en ik in een arrest van de Hoge Raad zitten?” Onder de goede inzenders verloot ik 5 keer een flesje niet te beroerde wijn.

Lees meer

Vervoersovereenkomst

Geplaatst op: september 5, 2025

De zomervakantie is voor ons weer voorbij. Judith en ik hebben met onze eigen auto een roadtrip gemaakt door Oostenrijk, Slovenië en Kroatië. We hebben veel indrukken opgedaan en een lekkere relaxte vakantie gehad. Op vakantie deden we uiteraard wat vakantiegangers doen. We gingen in Oostenrijk met de stoeltjesliften naar boven, in steden maakten we gebruik van het plaatselijke openbare vervoer en we namen een pondje of watertaxi om ons naar het eilandje Krapanje in Kroatië te laten vervoeren. Hoewel ook openbaar vervoer gepaard kan gaan gaat met het risico op ongelukken, sta ik daar eigenlijk nooit bij stil. Totdat ik door de berichtgeving over het tramongeluk in Lissabon daar wreed op werd gewezen. Hoewel ik nooit in Lissabon ben geweest denk je toch direct: “Dat had ons, tijdens onze vakantie, ook kunnen overkomen!”.

Als er tijdens dat openbaar vervoer iets gebeurt waardoor er letselschade ontstaat is de vervoerder daar aansprakelijk voor. In Nederland is dat geregeld in boek 8 van ons burgerlijk wetboek. Boek 8 gaat onder anderen over de vervoersovereenkomst. Als je kaartje koopt voor bus, metro of tram ga je een overeenkomst aan met de vervoerder. De vervoerder is bij een ongeval aansprakelijk. Hij is alleen niet aansprakelijk als het letsel is veroorzaakt door een omstandigheid die een zorgvuldig vervoerder niet heeft kunnen vermijden en als de vervoerder de gevolgen van het ongeval niet heeft kunnen verhinderen. Dat zal in Portugal niet anders geregeld zijn omdat veel nationale wetgeving over vervoer gestoeld is op internationale verdragen.

Dat sommige (on)gevallen onder Boek 8 vallen kan nog wel eens leiden tot vervelende verrassingen. Dat was ook het geval met een zaak die ik een paar jaar geleden onder ogen kreeg. Ik werd door een kapitein gevraagd hem te helpen. Nou ja, kapitein? De jongeman in kwestie was een dagje met vrienden aan het varen geweest met een motorboot. De boot was van hem maar naast hem werd de boot die dag ook bestuurd door zijn vrienden. Op een gegeven moment, iedereen aan boord had gedronken en er hing een feestelijke sfeer aan boord, ging één van de vrienden staan in de boot terwijl de boot met te hoge snelheid een brug naderde. Het noodlot sloeg toe toen de opvarende niet snel genoeg kon bukken en tegen de brug aan klapte met zeer ernstig letsel tot gevolg.

Alle pijlen werden vervolgens op de kapitein gericht. Ondanks het feit dat op dat moment iedereen de boot had kunnen besturen werd hij strafrechtelijk vervolgd. Aan hem werd als kapitein (hij bestuurde de boot immers) een aantal zaken ten laste gelegd. Omdat het ongeval op een motorboot plaatsvond was er sprake van de specifieke regels voor de binnenvaart. De jonge kapitein werd strafrechtelijk veroordeeld ook ter zake enkele specifieke overtredingen van de Scheepvaartwet. Hij diende ook de schade van het slachtoffer te vergoeden. Een beroep op zijn eigen aansprakelijkheidsverzekering liep uit op een afwijzing. De motoren van de boot waren te zwaar om onder de dekking te vallen.

Ook het slachtoffer liep tegen de bijzondere regelingen aan voor ongevallen op een binnenvaartschip. De rechter oordeelde dat er sprake was van een vervoersovereenkomst (die kan ook ontstaan als je niet hoeft te betalen) waardoor de totaal te betalen schadevergoeding is gelimiteerd. De totale schadevergoeding die een slachtoffer (bij ongelukken in de binnenvaart) kan vorderen is 400 000 SDR. SDR is een rekeneenheid vastgesteld door het IMF en is omgerekend 469.518.29 EURO. Dat klinkt best veel maar bij bijvoorbeeld een dwarslaesie is dat maar een fractie van de totale schade die het slachtoffer lijdt.

Als je volgende keer (op vakantie) weer eens in een tram, bus, trein of boot stapt realiseer je dan dat je een vervoersovereenkomst aangaat met alle speciale regelingen van dien. Of nee; realiseer je dat maar niet en geniet gewoon van je reis!

Lees meer

Dikke BMW!

Geplaatst op: augustus 22, 2025

Met deze uitspraak werd Annie uit Oranje in één klap een BN’er. Voor wie het niet meer helemaal helder heeft. In Oranje, een klein gehucht in Drenthe, was er tien jaar geleden gedoe over de huisvesting van asielzoekers in een vakantiepark. In een poging de gemoederen tot bedaren te brengen snelde toenmalig staatssecretaris voor asielzaken (Klaas Dijkhof) in zijn dienstauto naar Oranje om de gemeenteraad ervan te overtuigen dat het aantal asielzoekers wel verdubbeld kon worden. Bij zijn vertrek probeerde de moedige Annie de dienstauto van Dijkhof tegen te houden daarbij hardop het merk van de dienstauto en de omvang daarvan benoemend. Inderdaad, een “dikke BMW”. Een overijverige agent probeerde Annie weg te trekken waarop zij op onflatteuze wijze ten val kwam en haar arm brak. De beelden van dat voorval gingen direct viraal.

Momenteel staan de kranten vol van andere dikke BMW’s. De BMW’s die de brand op het schip de Fremantle Highway hebben overleefd. Deze BMW’s werden opgekocht door een groep ondernemers om ze vervolgens weer aan te bieden op de Europese markt. BMW heeft daar een stokje voor gestoken en beslag gelegd op deze voertuigen. Dat gebeurde al een tijdje geleden maar klaarblijkelijk is de BMW de komkommer van deze zomer want ik las erover in meerdere kranten. Ook het Dagblad van het Noorden wijdde er meerdere artikelen aan en liet haar verslaggever zelfs een stukje rijden in één van deze “verboden” BMW’s.

Het deed mij denken aan een oude zaak van mij uit de vorige eeuw. Ik stond een garagist bij uit het westen van het land. Deze garagist was Toyota-specialist en verkocht onder anderen Toyota Camry’s. Helaas besloot Toyota toentertijd het nieuwe model Camry niet meer te verkopen in Europa. Omdat er klaarblijkelijk toch liefhebbers waren die graag een nieuwe Camry wilden rijden besloot mijn klant deze te importeren uit Amerika en te verkopen aan Nederlandse liefhebbers. Dat ging goed totdat een autoblad een vergelijkingstest deed en de Camry vergeleek met een (ik weet het niet meer, maar dus een) vergelijkbaar model en die test in haar blad publiceerde. Onder het artikel werd vermeld dat de Camry door mijn klant naar Nederland was geïmporteerd. De inkt van het autoblad was nog niet droog of mijn klant kreeg een brief op hoge poten van de advocaten van Toyota waarin het hem verboden werd de Camry nog te importeren en te verkopen in Nederland. Geschrokken vroeg de klant mij of Toyota hem dat kon verbieden. Het antwoord was dat dat kon.

Toyota was merkhouder en als merkhouder kun je beslissen of je een bepaald product wil verkopen binnen de Europese Economische Ruimte (EER). Als je, zoals Toyota deed, besluit om een product niet in de EER aan te bieden mogen anderen dat product niet elders kopen om het alsnog binnen de EER aan te bieden. Er zijn uiteraard uitzonderingen. Als particulier kun je gerust een Camry voor eigen gebruik importeren, geen haan die ernaar kraait. Maar een merkrecht kan ook uitgeput raken. Dat gebeurt als een product met toestemming van de merkhouder al in de EER werd ingevoerd en dan wordt doorverkocht. Dat laatste konden we niet aantonen en de klant kwam uiteindelijk met Toyota tot de afspraak dat hij geen Camry’s meer zou importeren.

De ondernemers die de BMW’s kochten beriepen zich ook op uitputting. De rechter oordeelde echter: ”Nu de voertuigen niet door of met toestemming van BMW in de EER in de handel zijn gebracht, zijn deze dus niet uitgeput in de zin van artikel 15 lid 1 UMVo of artikel 21 GModVo.”  De rechter verbood de verkoop.

Er is een bodemprocedure aangespannen door de kopers maar ik vrees dat zij aan het kortste eind zullen trekken. Het merkenrecht biedt de merkhouder in dit soort gevallen een zeer sterke bescherming. Voor de liefhebben van Toyota Camry is er beter nieuws. Toyota verkoopt dat model sinds enkele jaren weer in Europa!

Lees meer

De (on)gelukkige kat

Geplaatst op: juli 18, 2025

We hebben deze week onze kat Bink laten inslapen. Wij (Judith en ik) dachten dat het nog wel kon maar onze kinderen vonden dat we de dierenarts moesten consulteren. De dierenarts was het met de kinderen eens. Daarom zaten Judith en ik op een doordeweekse dinsdag met Bink in zijn reismandje in de praktijk van de dierenarts. We gingen met een leeg reismandje en een zwaar gemoed weer naar huis.

Zoon Kees zei dat Bink de (haakje openen)on(haakje sluiten)gelukkigste kat ter wereld moet zijn geweest. Dat klinkt vreemd maar ik snapte wel wat hij bedoelde. We hebben Bink vijftien jaar geleden als boerderij-kitten opgehaald. Bink ademde als kitten zwaar. Hij leek wel een kat met OPS. Volgens de dierenarts zou hij niet veel ouder worden dan drie of vier jaar. Bink liet zich weinig gelegen liggen aan deze voorspelling. Hij was een graag geziene gast in het voormalige Noorderdierenpark (grenzend aan onze tuin); de verzorgers daar kenden hem bij naam.

Op een dag kwam hij kreupel uit de dierentuin terug. Nadat er een röntgenfoto was gemaakt bleek dat er een luchtbukskogeltje in zijn linker achterpoot zat dat het bot had verbrijzeld. De beste oplossing was een amputatie. Na de beschieting ging Bink als astmatische driepoot door het leven. In plaats van mensenvrees te ontwikkelen -wat na een beschieting logisch zou zijn geweest- werd Bink juist heel aanhankelijk. Menig bezoeker aan de dierentuin of bij ons voor het huis kon de weerstand niet weerstaan om hem even te aaien. Bink genoot van deze aandacht. Sommige aaiers dachten dat Bink ziek was omdat hij zo zwaar ademde en de keren dat we gebeld werden door de dierenambulance omdat ze een melding hadden gekregen van een bijna dode kat zijn ontelbaar. Zorg om Bink leidde een paar jaar geleden zelfs tot een heuse ontvoering. Een mevrouw uit Ter Apel zag Bink liggen in de oude dierentuin en nam hem pardoes mee naar huis. Na dagen zoeken en flyeren kregen we bericht van onze dierenarts. De ontvoerder was met Bink bij de dierenarts geweest en de dierenarts herkende Bink. Het kostte me vervolgens behoorlijk veel moeite om hem weer mee te krijgen toen ik hem uit Ter Apel kwam bevrijden.

De zorg voor huisdieren is ook een veelvoorkomend onderwerp in letselschadezaken. Zo herinner ik mij een zaak (niet van mij) van een oudere mevrouw die een hobbyboerderij had en door het ongeval het werk op haar boerderij niet meer kon volhouden. Voor dat werk huurde zij hulp in maar de verzekeraar wilde die hulp niet betalen omdat het om een hobbyboerderij ging.  Ze moest maar stoppen met de boerderij, aldus de verzekeraar. De rechter was het daar eigenlijk wel mee eens. Een professionele hulp op een hobbyboerderij vergoeden kon niet van de verzekeraar gevergd worden. Anderzijds zou het stoppen met de boerderij leiden tot een grote emotionele schade. De rechter overwoog: “De rechtbank kan niet anders constateren dan dat [verzoekster] en de boerderij ten diepste en onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn: Zij ‘is’ in wezen haar boerderij.”.  De rechtbank overwoog vervolgens: “Al het vorenstaande in aanmerking genomen, acht de rechtbank in de gegeven, bijzondere, omstandigheden een immateriële schadevergoeding, en daarmee de maximaal door Univé te vergoeden kosten ter beperking van immateriële schade, van in totaal € 50.000 billijk.”.

Een deel van de hulp die nodig was -niet alle want dat vond de rechter niet redelijk- moest daarom vergoed worden in de vorm van smartengeld.

Dieren en smart. Het blijft een ongelukkige combinatie. Toch denk ik dat Bink, ondanks alle ongeluk in zijn leven best een gelukkige kat was. 

Lees meer

Nieuwe buren

Geplaatst op: juli 11, 2025

We hebben nieuwe buren. Niet in het kantoorpand aan de Hoederkamp maar bij ons thuis. Judith en ik wonen in hartje centrum Emmen in een jaren dertig twee-onder-een-kapwoning. Onze oude buurvrouw woonde al een tijdje niet meer thuis na een vervelende val van de trap. Toen bleek dat ze door die val niet meer thuis kon blijven wonen werd het huis uiteindelijk te koop gezet.

Toen het bord van Pat Makelaars in de voortuin kwam te staan vonden Judith en ik het best wel spannend. Wat voor mensen zouden er komen wonen? Wie zou bereid zijn het huis, dat dermate verwaarloosd was en dat ons inziens volledig verbouwd diende te worden, te kopen. De makelaar omschreef het huis zoals makelaars het gewoon zijn dat te doen: “Afhankelijk van uw wensen dient u wel rekening te houden met de nodige moderniseringen.” “Moderniseringen”  is immers makelaarsjargon voor “renovatie noodzakelijk”.  

Maar goed, onze nieuwe buren -een oud buurmeisje kwam met haar man en twee kinderen weer terug naar de straat waarin ze was opgeroeid- durfden het project aan te gaan en kwamen bij ons langs om te zien wat er allemaal mogelijk was met het huis. Wij hadden, anders dan de  buurvrouw, de ‘moderniseringen’ al lang geleden doorgevoerd. Maar toen onze nieuwe buren de tekeningen van de  architect kwamen laten zien waren deze eerlijk gezegd jaloersmakend.

Ik heb toen wel even extra goed gekeken naar die tekeningen. Omdat beroepsdeformatie gaat waar het niet gaan kan moest ik direct denken aan de casus van de onfortuinlijke buurman van degene die tijdens een verbouwing een grote afzinkkelder liet plaatsen in zijn achtertuin. Daarbij werd dermate grote schade toebracht aan het naastgelegen pand dat deze onbewoonbaar werd verklaard. Een casus die vorig jaar de pennen van vele juristen in beweging bracht na een arrest van de Hoge Raad, toepasselijk het afzinkkelder-arrest genoemd.

In die casus had de buurman die de afzinkkelder liet plaatsen alle voorzorgmaatregelen genomen, zich aan alle zorgvuldigheidsnormen gehouden en toch ontstond er schade aan het huis van de  buurman. Volgens de letter van de wet was er geen sprake van een onrechtmatige daad van de buurman. Hij had de wet niet overtreden, zijn gedragingen waren niet in strijd met het recht en konden ook niet worden gekwalificeerd als strijdig met hetgeen in het maatschappelijk verkeer betamelijk is. Is er dan sprake van vette pech voor schadelijdende  buurman? Volgens veel juristen en het gerechtshof voorafgaand aan de uitspraak van de Hoge Raad wel. Als je bouwt en je houdt je aan alle zorgvuldigheidseisen ben je niet aansprakelijk voor de schade die daarbij ontstaat. Ik moet zeggen, wàs je niet aansprakelijk want de Hoge Raad heeft geoordeeld dat ook als je aan alle zorgvuldigheidseisen hebt voldaan en je je aan alle regels hebt gehouden, je toch aansprakelijk kunt zijn voor de schade van de buurman. De Hoge Raad:
Uit hetgeen het hof in rov. 2.6.3 van zijn arrest heeft vastgesteld (zie hiervoor in 2.4) volgt dat aan de bouwwerkzaamheden van Multi een aanmerkelijk risico verbonden was dat aan het pand van [eiseres 1] schade zou worden toegebracht, ook indien maatregelen ter voorkoming van schade werden getroffen en de werkzaamheden zorgvuldig werden uitgevoerd. Waar dit risico zich vervolgens heeft verwezenlijkt, kan niet zonder meer worden aanvaard dat [eiseressen] de daardoor veroorzaakte schade dienen te dragen.

Met deze uitspraak in mijn achterhoofd heb ik onze buren uiteraard aangemoedigd de verbouwing groots aan te pakken, hetgeen zij ook hebben gedaan. Hun huis is volledig verbouwd en eigenlijk van binnen helemaal als nieuw geworden. De werkzaamheden zijn door hun aannemer perfect uitgevoerd al prijsde ik me wel gelukkig dat het huis al een grote kelder had.  

Lees meer

Gratis advies?
Sluiten

Gratis 10 minuten letselschade advies.