Extremadura
Geplaatst op: mei 22, 2026
Judith had dit jaar een extra lange meivakantie en daarom besloten we eens verder weg te gaan dan Vlieland. Het werd Extremadura. Een provincie in Spanje tussen Madrid en de Portugese grens. Ik kende het gebied alleen (van naam) omdat mijn vogelvriend Jan daar ieder jaar rond deze tijd naar toe gaat om daar Grauwe Kiekendieven te beschermen. Dat doet hij als vrijwilliger. Dat doet hij ook hier in Noord-Groningen maar de Kiekendieven in Extremadura broeden eerder en moeten daar dus ook eerder worden beschermd. Jan vertelde mij over de omgeving, over de steppes, de graslandschappen en de heuvels die in het voorjaar rijkelijk gevuld zijn met flora en fauna. Als je bijzondere vogels wilt zien moet je daarnaartoe, aldus Jan.
Dus reisden Judith en ik af naar het voor ons onbekende Extremadura. De verrekijkers en de telescoop in de koffer en een handig vogelkijkreisgidsje in de handbagage. Jan had niets te veel gezegd. Wat een prachtig gebied. Leeg, onherbergzaam, kleine stadjes en geen toeristen met uitzondering van wat grijze pluizen getooid in wandeloutfit met de verrekijker voor de borst. We hebben bijna honderd verschillende soorten vogels gezien waarvan de Grote en de Kleine Trap wellicht de meest bijzondere waren. Maar we hebben ook genoten van de natuur, de cultuur en het lekkere eten en drinken.
Tijdens deze vogelkijkvakantie had ik alle tijd om te reflecteren op de eerste maanden van dit jaar. Het zijn hectische maanden geweest. Het overlijden van mijn vader heeft daar voor het grootste deel aan bijgedragen. De zorg voor hem die vanaf december vorig jaar geïntensiveerd moest worden na een hersenbloeding en zijn overlijden in februari na weer een hersenbloeding hadden fysiek en mentaal toch meer van mij gevergd dat ik had gedacht. Na de crematie dacht ik dat ik vol goede moed en vooruitkijkend wel weer aan de slag kon. Achteraf weet ik dat dat te snel was. Niet dat er iets verkeerd is gegaan op het werk of dat ik zaken heb laten versloffen. Nee, ik wilde gewoon te snel weer overgaan tot de orde van de dag en mijn verdriet en mijn gemis omdenken in leuke herinneringen aan mijn vader en onze tijd samen. Hoewel dat omdenken me best goed afging, vond ik, merkte ik dat toen de motor even stationair ging draaien (wat een vakantie eigenlijk is), ik te weinig tijd had genomen om stil te staan bij de impact die zijn overlijden op mij heeft gehad. Tijdens het met een verrekijker in de hand speuren naar vogels heb je alle tijd om echt tot jezelf te komen.
Ik zie het ook vaak in mijn letselschadepraktijk. Na een ongeval en nadat de eerste klap is verwerkt willen slachtoffers zo snel als mogelijk weer verder. Verder met werken, verder met zorgen en weer meedoen in de maatschappij. De slachtoffers die te snel willen en geen tijd nemen voor herstel (goed herstellen kun je immers maar één keer) krijgen vaak weer een terugval. Bijkomend nadelig effect daarvan is dat verzekeraars vaak gaan twijfelen aan de oorzaak van deze terugval. Staat die nog wel in verband met het ongeval? Is er iets anders aan de hand? Het ging toch zo goed? Het is vervolgens een hele kluif om verzekeraars te overtuigen van het feit dat een dergelijke terugval net zo goed door het ongeval komt als de eerste periode van klachten dat was. Zie hier een dilemma; enerzijds wil ik mijn klanten niet afremmen in hun streven het leven zo snel mogelijk weer op te pakken doch anderzijds wil ik ook niet dat daardoor later in het proces -na een onvermijdelijke terugval- zich een enorme causaliteitsdiscussie met verzekeraars gaat ontspinnen. Bovendien gun ik ze de tijd om echt goed te kunnen herstellen.
Wellicht moet ik mijn letselschadeklanten aan het begin van hun zaak een verrekijker cadeau geven.